Platteland

Platteland

Reeds in 2004 werd in het Vlaamse regeerakkoord in een aparte titel verwezen naar een Vlaams ‘plattelandsbeleid’.  Er werd verwezen naar drie belangrijke functies van het Vlaamse platteland waarvan”aanbieder van een aantal collectieve diensten voor de hele samenleving zoals open ruimte, natuur, recreatie en stilte” in het oog sprong.  Verder werd er in het regeerakkoord ook gewag gemaakt van het opstarten van een interbestuurlijk plattelandsoverleg, wat toen ook gebeurde en tot op vandaag nog steeds bestaat.

In het regeerakkoord van 2009 werd de aandacht voor het platteland hernieuwd en verder uitgediept.  Er werd o.m. een projectmatig plattelandsfonds in het vooruitzicht gesteld.  Net zoals de 13 centrumsteden extra betoelaging krijgen voor de collectieve diensten die er worden aangeboden, zouden ook de plattelandsgemeenten extra betoelaging kunnen krijgen voor de diensten die zij aan de samenleving aanbieden.  Op basis van recente verklaringen van de Minister-President Kris Peeters, die tevens bevoegd is voor plattelandsbeleid, werd aangegeven dat in 2012 een ontwerp van Decreet in het Vlaamse Parlement zal worden ingediend voor de oprichting van dit plattelandsfonds.

Parallel aan deze ontwikkelingen werd in het interbestuurlijk plattelandsoverleg een werkgroep opgericht die zich volledig wijdt aan de ‘bestuurskracht van plattelandsgemeenten’.  Deze werkgroep houdt zich o.a. bezig met de ontwikkeling van een bestuurskrachtmonitor.  Deze monitor moet een instrument zijn van de Vlaamse plattelandsgemeenten om op basis van intervisie de eigen bestuurskracht te versterken.  Diverse medewerkers uit de Westhoek zetelen in deze werkgroep: Christof Dejaegher, Dieter Hoet, Geert Vandewynckel, en Jurgen Vanlerberghe.  Op basis van de ontwikkeling van deze monitor zal er een globaal advies worden uitgebracht aan de Vlaamse Regering m.b.t. de bestuurskracht van plattelandsgemeenten.

Europese middelen zijn uiteraard ook van zeer groot belang voor de ontwikkeling van het platteland.  In de huidige programmeerperiode (2008-2014) werd de Westhoek aangeduid als leadergebied, in tegenstelling tot de voorgaande programmeerperiode.  Om hier voor in aanmerking te komen schreef de Westhoek een ontwikkelingsstrategie.  Vernieuwend aan het huidige leaderprogramma is dat een breder spectrum aan actoren gebruik kunnen maken van deze middelen, waardoor ze meer aan plattelandsontwikkeling kunnen worden besteed in de ruime betekenis.

als aanbiedevan een aantal
collectieve diensten voor de hele samenleving zoals open ruimte, natuur, recreatie en
stilt